Europa vreest momenteel voor deflatie. Maar wat is deflatie nou precies? Deflatie is in feite de tegenhanger van inflatie. Waar inflatie zorgt voor een daling van de koopkracht zorgt deflatie voor een stijging van de koopkracht. Niet gek zullen sommige denken, maar helaas is deflatie gevaarlijker voor de economie dan inflatie. Bedrijven zullen bijvoorbeeld minder verdienen aan de verkoop van hun producten of services. Hierdoor zullen zij de productiekosten moeten verminderen. Daarnaast gaan consumenten hun aankopen uitstellen; tijdens inflatie zal men in de toekomst immers meer kunnen kopen voor relatief minder geld. Hierdoor komt de economie op slot te zitten.

 

Wat is deflatie?

Waar het geld bij inflatie minder waard wordt, wordt het geld bij inflatie dus meer waard. Het principe zorgt ervoor dat het algemene prijsniveau daalt. Hierdoor zullen producten in de winkel minder duur worden en bent u als consument dus in staat om meer te kopen met minder geld.

Door het minder waard worden van het geld maken bedrijven dus minder winst op de verkochte producten en zullen zij dus minder winst maken. Zij zullen dit compenseren door de productiekosten te verlagen.

Wanneer het prijspeil gedurende één maand daalt, is er nog geen sprake van een deflatie. Hiervoor zal de daling van het prijspeil voor een langere periode moeten aanhouden. Er zijn daarbij twee manieren hoe deflatie kan ontstaan:

 

  • Bestedingsinflatie
    Er is sprake van bestedingsinflatie wanneer de effectieve vraag in een economie afneemt. De prijzen zullen dan immers volgens het vraag-en-aanbodprincipe gaan dalen.
  • Kostendeflatie
    Er is sprake van kostendeflatie wanneer de bedrijven en andere commerciële instellingen lagere productiekosten doorberekenen in de producten en hierdoor de prijzen verlagen.
  •  

    Oorzaken van deflatie

    Er zijn verschillende oorzaken mogelijk waarop inflatie kan ontstaan:

    Groei van het economische aanbod

    Een uitbereiding van het totale aanbod kan zorgen voor een deflatie. Wanneer er een groter aanbod komt en de vraag gelijk blijft zal er bestedingsinflatie plaatsvinden. Een langdurige stijging van een bepaald product zal tot gevilg hebben dat de prijs zal gaan dalen. Een voorbeeld hiervan is de mobiele telefonie. Een paar jaar geleden waren er nog maar enkele modellen op de markt. Deze waren dan ook erg duur. Tegenwoordig is er veel aanbod op deze markt en zijn de prijzen dus ook flink gedaald.

    Krediet schaarste

    Krediet schaarste houdt in dat er minder geld wordt uitgegeven door de banken. Hierdoor wordt het moeilijker voor consumenten en bedrijven om leningen aan te gaan. Dit is vaak het gevolg van een periode waarin er veel krediet werd vergeven door banken (kredietexpansie). Na een periode van kredietexpansie zijn er altijd gevallen waarbij mensen niet meer in staat zijn om hun leningen terug te betalen. Dit zal banken achterdochtiger maken en er zal minder krediet worden verstrekt. Door het verstrekken van minder krediet zal er minder geld in omloop zijn. Door het verminderen van het geld in de omloop zullen de prijzen dalen.

    Ingrijpen van de overheid

    Deflatie kan zich ook voordoen door het ingrijpen van de overheid. De overheid kan handmatig het aanbod van geld in een economie verminderen. Een reden hiervoor is bij voorbeeld omdat de centrale bank de rente verhoogd. Dergelijke beslissingen kunnen ernstige gevolgen hebben voor een economie. Hierdoor moeten deze maatregelen met uiterste voorzichtigheid worden behandeld. Bij deze vorm van deflatie is de regering immers verantwoordelijk voor de uitkomsten.

    Een voorbeeld hiervan is de situatie in Japan gedurende de jaren negentig. De vastgoedprijzen bleven maar stijgen en de Japanse overheid reageerde hierop door de rente te verhogen. De deflatie, dat hiervan het gevolg was, bleef lang doorwerken en is zelfs vandaag de dag nog goed merkbaar.

     

    Beschermen tegen deflatie

    Het is goed mogelijk om uw vermogen en/of beleggingen tegen deflatie te beschermen. Het sparen van geld op een termijn- of spaarrekening is bijvoorbeeld een goede mogelijkheid om uzelf te beschermen tegen de gevolgen van deflatie. Wat aandelen betreft is het slim om te beleggen in aandelen met een “sterk merk”. Ondernemingen met een grote wereldwijde naamsbekendheid zullen minder snel schade ondervinden dan kleinere en onbekendere bedrijven. Er zal namelijk altijd een vraag blijven naar de producten van deze bekende firma.

    Daarnaast kan het ook werken om te beleggen in producten die van levensbelang zijn. Voorbeelden hiervan zijn voeding, dranken en producten voor de lichaamsverzorging. Er zal altijd een vraag naar dergelijke producten blijven bestaan.

    Ten slotte kan het ook werken om te investeren in de opkomende economieën Brazilië, India en China. Door de groei die er momenteel plaatsvind is er eerder sprake van inflatie in plaats van deflatie. Beleggen in de groeilanden kan natuurlijk direct door in een Chinees bedrijf te investeren, maar het kan natuurlijk ook indirect door te beleggen in een Westers bedrijf dat zich richt op de opkomende economieën.

     

    Situatie in Nederland

    In het tweede kwartaal van 2014 heeft Nederland weer een lichte groei laten zien ten opzichten van het kwartaal ervoor. Het eerste kwartaal liet Nederland als één van de weinige Noord Europese landen een krimp van bijna 1.5% zien. De groei dit kwartaal kwam dan ook niet onverwacht. De groei was vooral te danken aan de toenemende handel van machines, landbouwproducten en installaties. Consumenten gaven meer uit in de horeca, kleding, huishoudelijke artikelen, elektronica en auto’s.

    Volgens CBS-econoom Peter van Mulligen is Nederland bezig met een langzaam herstel van de economie. Over het eerste half jaar van 2014 was er slechts een kleine groei van 0.2 procent te zien.